Vrijheid

Uit OmraamWiki
Ga naar: navigatie, zoeken
„Vrijheid bevindt zich niet op het fysieke vlak. Je vindt haar in het Atmische gebied, dat de wereld van de geest is. Om vrij te zijn, moeten wij ons dus met onze geest vereenzelvigen. Naarmate deze identificatie zich voltrekt, versterken wij onszelf en ontsnappen we aan de ons omringende omstandigheden. Om een beeld te gebruiken kun je zeggen dat je, door je met de geest te vereenzelvigen, boven de wolken uitstijgt. Degene die onder de wolken blijft, is altijd afhankelijk: om de zon te zien, moet de grillen van de wolken afwachten, en is ondertussen blootgesteld aan het donker, de kou, de mist en de regen. Aangezien hij er zich geen rekenschap van geeft dat hij zichzelf in deze situatie heeft geplaatst, klaagt hij: ‘De zon is weg.’ De zon is niet weg, hij heeft zelf die wolken – duistere gedachten en gevoelens - tussen de zon en zijn ziel toegelaten. Hij hoeft enkel die wolken te verdrijven of zich er boven te plaatsten: hij zal meteen in het licht baden, en met het licht zal hij zich zo vrij voelen!“[1]

Inleidende aantekeningen

De Synoptische Tabel laat zien dat vrijheid wordt geassocieerd met het hoogste niveau van de geest. Op de meer stoffelijke niveaus is de mens nooit echt vrij, omdat deze niveaus onderworpen zijn aan de wetten van de natuur. Op fysieke gebied, zoals op gebied van gevoelens en gedachten, heersen kosmische wetten (zoals de wet van oorzaak en gevolg, de wet van affiniteit, etc.). Op het niveau van de geest vinden we evenwel de scheppende kracht. Het is de hoogste regio die bereikt kan worden.

„De fout van de mensen is dat ze zich zozeer met de materie hebben vereenzelvigd dat ze erdoor worden geabsorbeerd en geen kracht hebben om te reageren. Ze denken niet dat ze zich met de geest kunnen identificeren. De geest heeft geen externe elementen nodig om iets te creëren. Net als de Heer die de wereld heeft geschapen vanuit zijn eigen kwintessens, put hij zijn elementen uit zichzelf.“[2]

Het proces van innerlijke, geestelijke bevrijding waarvan de wijzen van alle tijden verslag hebben gedaan, bestaat vooral uit het zodanig voorbereiden van het fysieke lichaam dat de geest er het liefst vrij gebruik van kan maken.

„De mens bezit een geest van goddelijke kwintessens die deelneemt aan alle gebeurtenissen in het universum. Maar omdat de materie van de organen die de boodschappen van de geest zouden kunnen ontvangen niet verfijnd en subtiel genoeg is, bereiken zeer weinig van deze boodschappen zijn bewustzijn. Net als de alchemisten, die zich alleen bezighielden met de transformatie van de materie, zou de mens dus voor zijn fysieke lichaam moeten zorgen om het te zuiveren, te spiritualiseren, te vergoddelijken.“[3]

Vrije wil

De aan de mens gegeven vrije wil bestaat vooral uit de mogelijkheid om te kiezen tussen het principe van het licht en dat van de duisternis.

„De Schepper heeft zijn schepselen vrij gelaten, en als ze vrede, vreugde en licht willen vinden, is het aan hen om de goede richting duidelijk te zien, en die richting uit te gaan. Je zal zeggen: ‘Maar waarom? Zou het niet beter zijn als God zijn wil oplegt aan de mensen en hen zegt hoe ze zich dienen te gedragen?’ Nee, ze moeten zelf moeite doen om te begrijpen wat in hun belang is, zich bewust worden waarom het beter is om die bepaalde richting in te slaan of die bepaalde keuze te maken in plaats van een andere. Ze moeten er echt van overtuigd zijn, anders zouden ze zoals de ossen zijn, die door de boer met de drijfstok geslagen worden om hen te dwingen perfect rechte voren te trekken. Wat zouden we erbij winnen door tegen onze wil in, gedwongen te worden de weg van het goede te volgen? Zo goed als niets en alles zou altijd opnieuw herbeginnen, omdat we niet bewust, met kennis van zaken zouden gehandeld hebben. Daarom laten de Schepper en de hemelse geesten de mens vrij: hij moet zelf begrijpen en aanvoelen wat de beste weg is voor hem.“[4]
„Waaruit bestaat onze vrijheid in het leven? Enkel en alleen in het kiezen van de richting die wij willen inslaan. Daarna is er niets meer dat van onszelf afhangt. Men heeft het leven vaak vergeleken met een reis. Wel, laten we die vergelijking eens nader bestuderen. Je gaat op vakantie en alle mogelijkheden liggen voor je open: de zee, de bergen, de woestijn, het platteland, de bossen... Stel dat je de bergen kiest, de Alpen. Vanaf dat moment weet je dat je bepaalde rivieren, meren en bergtoppen zal tegenkomen. Indien je de zee of de woestijn had gekozen, zou het heel anders zijn geweest. Je hebt dus alleen de keuze om een richting te bepalen, daarna bevindt je je in landschappen die al lang vóór jou bestaan hebben en ook lang na jou zullen bestaan. Hetzelfde geldt voor ons innerlijk leven. Alleen de keuze van de plek waar wij heen willen, hangt van ons af: drijfzand, moerassen, gevaarlijke wouden... of vruchtbare vlakten en parken vol bloemen en vogels. Alle ongeluk en alle vreugde bestaat reeds, anderen hebben die vóór ons gekend, het hangt slechts van ons af, of wij ze al dan niet zullen opzoeken.“[5]

Noodzakelijkheid, vrije wil en goddelijke Voorzienigheid

„De wet van de noodzakelijkheid, de wet van de vrije wil en de wet van de goddelijke Voorzienigheid. Deze drie wetten bepalen het lot van drie categoriën van wezens. Aan de wet van de noodzakelijkheid zijn al degenen onderworpen die gedurende hun opeenvolgende incarnaties enkel de bevrediging van hun grofste behoeften hebben gezocht. Zij zijn zodanig in de materie weggezonken dat ze geen enkele bewegingsvrijheid meer hebben; er bestaat voor hen slechts een zeer harde weg die zij gedwongen zijn te volgen. De wet van de vrije wil heerst over meer geëvolueerde wezens. Zelfs indien hun vrijheid beperkt is, hebben zij in hun vorige levens zo gedacht en gehandeld dat ze nu in staat worden gesteld om hun eigen richting te bepalen. Wat betreft de wet van de goddelijke Voorzienigheid, zij heerst over de Ingewijden, de grote Meesters die steeds voor het licht hebben gewerkt. In hun ogen is het leven groots en prachtig en zij zijn werkelijk vrij, omdat het Licht in hen is.“[6]

Over illusoire vrijheid

„Hoeveel mensen zijn er niet die denken dat ze blijk geven van vrijheid door te zeggen dat ze niets met God en de godsdienst te maken hebben! Een geloof naleven is volgens hen aanvaarden dat je jezelf beperkt, en zij gaan er prat op dat ze die beperkingen weigeren. Goed, zij verwerpen de godsdienst, maar geloven in genoegens, in macht, in geld, in roem, in populariteit… Noemen ze dat vrijheid? Zij denken door God geknecht te zullen worden, dat wil zeggen door het licht, de liefde, het leven, en ze proberen zich hiervan te bevrijden door middel van datgene wat hen absoluut zeker tot slavernij zal brengen!…“[7]
„Hoeveel mensen beweren niet, in naam van de vrijheid, van hun vrijheid, dat ze geen enkele beïnvloeding aanvaarden! Maar deze onwetenden vermoeden niet dat invloed een wet van het leven is: alles wat ze eten, inademen, aanraken, proeven, horen, zien en lezen, beïnvloedt hen onophoudelijk. En veelal beelden zij zich in helemaal vrij te zijn, omdat ze eenvoudigweg niet weten onder welke invloeden ze handelen…“[8]

Beïnvloeding van de lotsbestemming

De uitwerking van reïncarnatie toont dat de handelingen van een leven vaak pas in een latere incarnatie effect hebben. De regel: "Wat je zaait, zal je oogsten" geldt dus ook voor onze persoonlijke vrijheid. Hoewel we op dit moment vrij zijn in onze beslissingen, moeten we dan wel de bijhorende consequenties dragen. Daarom kan worden aangenomen dat we in ons huidige leven veel gevolgen uit het verleden moeten meedragen en verdragen. Het lot van toekomstige incarnaties kan echter actief op een gunstige manier worden beïnvloed door juiste beslissingen in dit leven.

„In hoeverre is de mens vrij? Dit is een onderwerp waarover denkers en theologen sinds eeuwen discussiëren zonder het erover eens te worden: omdat ze de vraag verkeerd stellen. Vrijheid is niet een omstandigheid die al dan niet voor altijd aan de mens gegeven werd. In plaats van zich af te vragen: ""Ben ik vrij?"", dient iedereen te begrijpen dat zijn huidig leven een gevolg is van zijn vorig leven, en dat het onmogelijk is om terug te keren naar het verleden om het te veranderen. Hij moet het verleden verdragen, het verteren en precies dat doet hij in het heden. Het is in de toekomst dat hij vrij is, het heden geeft hem alleen de mogelijkheden om de toekomst te creëren die hij wenst. Dat is hoe de kwestie van de vrijheid zich stelt. In het besef dat we vanaf vandaag onze toekomst kunnen bepalen, bereiden we ons voor om meer en meer meester van onze lotsbestemming te worden. Zo ondergaan we niet langer het heden, we geven het heden vorm.“[9]

De weg naar bevrijding

Door een hoog ideaal, een ethische, onbaatzuchtige manier van handelen en het leren beheersen van gedachten en gevoelens, wordt de mens meer en meer de meester van zichzelf en de overbrenger van lichtende energieën. Een volgehouden werk aan zichzelf bevrijdt hem van diverse afhankelijkheden en opent de weg naar een vrijere toekomst. In dit opzicht kan men zeggen dat de weg van de bevrijding hand in hand gaat met een hogere spirituele ontwikkeling.

„Is de mens vrij, of is hij wel degelijk onderworpen aan het lot? Over dit vraagstuk wordt al duizenden jaren gediscussieerd. De vergissing bestaat erin te geloven dat alle individuen dezelfde wetten moeten ondergaan. Degenen die, zoals de dieren, slechts gehoorzamen aan hun louter instinctieve impulsen, zijn onvermijdelijk onderworpen aan de wetten van de fataliteit; het is hun eigen natuur die voor hen dit noodlot schept. Terwijl degenen die erin geslaagd zijn hun instincten, hun hartstochten te beheersen, ontsnappen aan de fataliteit om de wereld van de Voorzienigheid, van de Genade binnen te gaan, waar zij het licht en de vrijheid kennen. Beeld je niet in dat iedereen vrij kan zijn, of dat iedereen een onverbiddelijk lot moet ondergaan. Nee, de vrijheid hangt af van de graad van evolutie van ieder afzonderlijk. Overeenkomstig zijn manier van denken, voelen of handelen valt de mens onder het noodlot, of trekt hij de zegeningen aan van de Voorzienigheid. Dus in bepaalde gebieden is hij gebonden, onderworpen aan het lot, en in andere ontsnapt hij daaraan, is hij vrij… tot hij op een dag over zijn volledige vrijheid zal beschikken.“[10]
„De mensen verstaan niet waartoe het afwijzen van morele regels hen zal leiden, omdat ze nog nooit de gevolgen op lange termijn hebben bestudeerd van een gedachte, een woord of een daad. Indien ze meer onderscheidingsvermogen bezaten, zouden ze voelen dat ze zich verzwakken op het moment zelf dat ze deze regels verwerpen, want zij openen de deur voor duistere machten die zich van hen meester maken en hen vastzetten. Het is een wet: hoe minder je je gedachten, je verlangens of je grillen beheerst, des te meer word je er de slaaf van. Je zegt dat je vrij wilt zijn om je verlangens te bevredigen. Goed, maar weet op voorhand dat dit de kortste weg is naar slavernij. Je zal slaaf worden van jezelf, of beter gezegd van zeer primitieve innerlijke krachten die je zullen neerhalen en volledig overheersen. De echte vrijheid begint bij zelfbeheersing. Als de wijzen aan de mensen de raad geven om hun impulsen te beheersen, is het niet omdat ze er plezier in vinden om hen te pesten, maar omdat ze weten dat het gebrek aan zelfbeheersing de weg opent naar onevenwichtigheid, naar ziekte en naar de dood.“[11]

Vrijheid in de innerlijke wereld

„Je wilt je vrij voelen? Werk er dan aan om je gedachten en gevoelens te veredelen, want de ware vrijheid is de innerlijke vrijheid. Het is natuurlijk wenselijk ook vrij te zijn in je bewegingen op fysiek vlak, maar beschouw die vrijheid als ondergeschikt. De enige vrijheid die de moeite waard is om na te streven, is de innerlijke vrijheid. Want wat heb je eraan vrij te kunnen gaan en staan waar je wilt, als je gedachten en gevoelens in je meedraagt, die je vergiftigen, die je vastbinden en die je op een dag uiteindelijk aan je bed kluisteren? Van welke vrijheid kun je op dat moment nog spreken? Zoek dus niet zozeer de fysieke vrijheid, want het is vaak deze die je alle mogelijkheden biedt om te verdwalen en in de val te lopen. Maar zoek de wijsheid, de liefde, de waarheid, de gerechtigheid, de goedheid, want dan zul je je vrij voelen, waar je ook bent en wat de omstandigheden ook zijn.“[12]
„Wat ook de uitwendige omstandigheden zijn, in onze innerlijke wereld, de wereld van de gedachte, kunnen wij ons altijd vrij voelen. Alleen als wij ons willen manifesteren op fysiek gebied, zijn wij afhankelijk van de omstandigheden en zijn wij beperkt. Zelfs het machtigste wezen is beperkt in de actie. Wij zullen er nooit in slagen om alles wat wij verlangen te realiseren, maar dat hoeft ons niet droevig te stemmen, want niets belet ons innerlijk een rijk, mooi en overvloedig leven te leiden dat voor alle schepselen nuttig is. Onze gedachten en gevoelens reiken zeer ver in de ruimte, en dankzij hen bezitten wij het vermogen om in contact te komen met heel het universum, terwijl onze handelingen slechts enkele personen raken. Maar als wij ons leren concentreren op onze innerlijke wereld, als wij trachten om in onszelf de liefde en het geloof te versterken, zullen wij mettertijd ook steeds meer greep krijgen op de uiterlijke wereld.“[13]
„Iedereen is in staat om via de gedachte heel machtige beelden te scheppen, die de loop der dingen kunnen beïnvloeden. Waarom dan niet dromen dat de gehele wereld op een dag in liefde, vrede, vrijheid en vreugde zal leven? Indien veel meer mannen en vrouwen dit vaak zouden dromen, zouden zij ertoe bijdragen dat dit sneller gerealiseerd worden.“[14]

Bibliografie

  • O.M. Aïvanhov, De vrijheid, overwinning van de geest, Izvor 211, Prosveta.
  • O.M. Aïvanhov, Connais-toi toi-même - Jnani yoga, Œuvres Complètes 17/18, Prosveta.

Multimedia

Nota’s

  1. Aïvanhov, O. M., Dagtekst van 24 mei 2008, Prosveta
  2. De vrijheid, overwinning van de geest, Izvor 211, Hoofdstuk 2, Prosveta
  3. De vrijheid, overwinning van de geest, Izvor 211, Hoofdstuk 2, Prosveta.
  4. Dagtekst van 28 decmber 2017, Prosveta
  5. Dagtekst van 16 februari 2003, Prosveta
  6. Dagtekst van 15 maart 2007, Prosveta
  7. Dagtekst van 4 juni 2005, Prosveta
  8. Dagtekst van 19 april 2007, Prosveta
  9. Dagtekst van 28 januari 2017, Prosveta
  10. Dagtekst van 19 februari 2016, Prosveta.
  11. Dagtekst van 18 augustus 2017, Prosveta
  12. Dagtekst van 15 november 2012, Prosveta
  13. Dagtekst van 2 mei 2016, Prosveta
  14. Dagtekst van 18 maart 2014, Prosveta



Bericht aan de lezer: de redactie van dit artikel, voorbereidend en niet-beperkend, is slechts een startpunt, aangezien het onderwerp door Omraam Mikhaël Aïvanhov in zijn verschillende lezingen tussen 1938 en 1985 in meer detail werd onderzocht. Bij het rechtstreeks lezen of beluisteren van deze voordrachten, uitgegeven door Prosveta, exclusieve eigenaar van de rechten van zijn werk, zal de onderzoeker er nog andere interessante en belangrijke aspecten in terugvinden. Daarom geeft dit artikel Aïvanhov’s denken over dit onderwerp niet volledig en allesomvattend weer.


OmraamWiki is een internationaal project dat wordt gerealiseerd met de bijdrage van fondsen voor wetenschappelijk onderzoek van de Universiteit voor Buitenlanders van Perugia (afdeling Menselijke en Sociale Wetenschappen).